opc_loader

VAN CUSCO NAAR MACHU PICCHU

Agrarische meesterwerken, ingenieuze rotsformaties, uitgestrekte vlaktes met puntige bergen die het wolkendek doorprikken, een authentieke treinreis en vooral veel betoverende overblijfselen van een uitgestorven cultuur. Meridian Travel trok door de Heilige Vallei van de Inca’s in Peru en zag met eigen ogen dat er tussen de bekende trekpleisters Cusco en Machu Picchu nog zoveel meer is. Tekst en fotografie door Lars van Soest

Een Peruaan langs het spoor

'De vele backpackers kijken hun ogen uit. Velen nog aangeslagen van de drank van de avond ervoor'

Bombastische tonen galmen over het Plaza Mayor van Cusco. De vele backpackers kijken hun ogen uit. Velen nog aangeslagen van de drank van de avond ervoor. Ook de hoogte van ruim 3.300 meter werkt niet mee hier in de Andes. Toeristen op de berg ten noorden van de toch al hooggelegen stad kunnen alleen als zij hun oren spitsen de muziek van de traditionele zondagse fanfare waarnemen. Wanneer ze het tafereel de rug toekeren, treffen ze een totaal andere wereld aan, een wereld van vergane glorie. Hier bevindt zich het startpunt van onze reis door de Heilige Vallei, hier ligt de archeologische Inca-vindplaats Sacsayhuamán. Door de fonetische gelijkenis ook wel Sexy Woman genoemd. Geen gekke bijnaam.

40.000 kilometer

De Heilige Vallei is in een ver verleden gevormd door de Urubamba River. Het verbindt globaal gezien Cusco met Machu Picchu, een afstand van zo’n zeventig tachtig kilometer. Cusco vormde in de hoogtijdagen van de Inca’s het centrum van hun imperium. Met een wandelnet van 40.000 kilometer werden de uithoeken van het uitgestrekte rijk met elkaar verbonden. Van Quito in Ecuador tot Santiago in Chili en Mendoza in Argentinië. Nergens anders dan in de Heilige Vallei in Peru is de Inca-cultuur echter nog zo nadrukkelijk aanwezig.

Nietige conquistadores

Sacsayhuamán bestaat voornamelijk uit stenen. Stenen van een ontzagwekkend formaat. Ze vormen robuuste en duizelingwekkende muren. Hoewel niet met cement aan elkaar verbonden, passen de reusachtige rotsen beter in elkaar dan legostenen. De Spaanse conquistadores moeten zich tijdens hun komst nietig hebben gevoeld. Ze geloofden niet dat de Inca’s in staat waren tot het bouwen van deze wonderen. Zij hielden demonen of boze geesten verantwoordelijk. 

Inca-expert Renato Vera weet als geen ander dat dat niet waar is en legt uit dat de bouwwerken door de Inca’s zelfs zo werden gebouwd dat ze aardbevingen konden overleven. “De stenen werden minutieus geschaafd en zo passend voor elkaar gemaakt. Dat deden ze bewust om aardbevingen te weerstaan. Ze liggen zo strak op elkaar dat er zelfs nu geen begroeiing tussen kan plaatsenvinden”, besluit hij bevlogen. Daarna richt hij zich boos tot drie jongeren die een oude afgesloten poort bestijgen voor een foto. “Eraf! Zijn jullie gek geworden”, schreeuwt hij.

Oranje zee

Terwijl nieuw vaak neerkijkt op oud is dat hier anders. Sacsayhuamán geeft een uniek uitzicht over Cusco. Zelfs de lokale kinderen kunnen het waarderen.

Sacsayhuaman

Of hebben ze meer oog voor elkaar? De dakpannen laten de op de heuvels gelegen buitenwijken van Cusco vrijwel feilloos in elkaar overlopen, het is net een oranje zee.

Experimentele laboratoria

Graancirkels, maar dan anders? Of misschien een amfitheater? Dat is de eerste gedachte wanneer de duizelingwekkende kraters van Moray (FOTO ONDER) wordt ingetuurd. Hier, op zo’n vijftig kilometer van Cusco, stortte miljoenen jaren geleden drie meteorieten neer en daar maakte de Inca’s later dankbaar gebruik van. Ze verbouwden de ruim honderd meters diepe gaten rond 1400 om tot experimentele laboratoria. Niet alleen nuttig, maar ook overweldigend voor het oog. Nog steeds.

Kraters van Moray

“De Inca’s bouwden de terrassen om zo allerlei planten en gewassen te kweken”, weet Renato. “Elk terras had zijn eigen eco-systeem en zodoende werden er meer dan drieduizend verschillende gewassen aardappels en 25 soorten quinoa gecreëerd. Pas veertig à vijftig jaar geleden is gestopt met het verbouwen van de gewassen. Daarom is de staat van deze ouderwetse laboratoria nog zo goed.”

Hongerig

Het genieten, maar vooral het tackelen van de hoogtemeters maakt hongerig. Gelukkig is er boven de grootste krater een haciënda, ingericht als restaurant en met een menukaart net zo lekker als het uitzicht. Van achter het bord wordt de hongerige bezoeker van El Parador omver geblazen door de open binnenplaats, de koloniale inrichting, de mokkakleurige muren, het knisperende haardvuur en bovenal het kleurrijke lokale voedsel. Een quinoataart, gemarineerde aardappeltjes met white maïs uit de vallei en forel plus sappig vlees van alpaca’s en varkens. Allemaal even lekker en prachtig geserveerd.

Blauwer dan blauw

Niet heel ver verderop liggen de zoutmijnen van Maras (FOTO ONDER). De reis vanaf Moray is minstens net zo fraai als de start- en eindlocatie. Hier op een hoogte van zo’n 3.500 meter is de lucht blauwer dan blauw, zijn de wolken witter dan wit en steken de glooiende roodgele akkers schril af bij de puntige bruine bergen. 

Op de velden verbouwen de boeren tarwe en gerst. Adelaars en meeuwen pikken een graantje mee. Achter een trekkertje die aarde omploegt, vliegt een zwerm meeuwen. Net als op zee volgen ze ook hier de mens op zoek naar eten. De varkens en runderen van de boeren lopen vrij rond op de rode velden. “Die kleur ontstaat door ijzer in de grond”, legt Renato uit, terwijl hij iets verder ook een paar zwarte vlaktes aanwijst. “Die stukken zijn verbrand door de boeren. Het mag eigenlijk niet, maar zo wordt de grond extra vruchtbaar.”

Ceja de selva

Twee landschappen ineen, het voelt surrealistisch aan. En dan begint achter de bewuste bergen ook nog direct het regenwoud. “We noemen dit gebied ook wel ceja de selva, oftewel de wenkbrauw van de jungle”, vertelt Renato. Hij zegt het terwijl een groep papegaaien uit de Amazone opdoemt en vrolijk in het rond begint te kwetteren.

Maras

Huh? Een Grieks dorpje midden in de bergen van Peru? Wanneer de zoutmijnen van Salinas de Maras opdoemen, blijkt al snel dat het geen donkere krochten onder de grond te zijn, maar witte baden op de flanken van een berg. Ontelbaar veel jaren geleden was hier een zee en bovenop de berg bevindt zich nog steeds een bron waaruit dag in dag uit zout water naar boven komt.

Maras

De dorpelingen hebben een ingenieus kanalenstelsel uitgehakt waardoor honderden baden om de paar dagen van zout water worden voorzien. Met losse stenen worden de baden af- en aangesloten. De techniek is eeuwenoud. Als de zon zijn werk gedaan heeft, kunnen de locals het zout opscheppen en verkopen. De zoutwinning is echter niet voldoende om van te leven, de meesten verdienen hun geld voornamelijk als boer.

“Ook hier waren de Inca’s ooit actief”, vertelt Renato vol passie. We kennen hem inmiddels niet anders. “Zout was hen heel veel waard, meer dan goud en zilver, want met zout konden ze vlees conserveren. De bovenste laag zout in deze baden is perfect voor een barbecue”, gaat Renato verder terwijl hij zijn hand voor zijn wang langs beweegt. “De onderste laag wordt bijvoorbeeld gebruikt voor zoutbaden in wellnescentra.” De zon gaat bijna onder. Het witte water krijgt een oranje gloed. De laatste dorpelingen pakken hun spullen en nemen de buitgemaakte emmers zout mee. Tijd voor een barbecue!

Inca trail

Nergens anders dan in de Heilige Vallei wordt nog zoveel gebruik gemaakt van de oude wandelroutes van de Inca’s. Vanuit Ollantaytambo gaan jaarlijks nog duizenden toeristen de uitdaging aan om de steile Inca trail richting Machu Picchu te bewandelen. Zo’n vier dagen zijn de groep, bijgestaan door Peruviaanse gidsen en sjerpa’s onderweg. Wandelen, zelf een potje koken, overnachten in een tentje en meer van dat.

Meridian Travel is in de luxe positie om per trein van Ollantaytambo naar Machu Picchu te reizen, maar niet voordat we in het dorp een voorproefje van de verlaten Inca-stad hebben gekregen. Ollantaytambo was tijdens de hoogtijdagen (1438 – 1533) van de Inca’s een belangrijk kruispunt. Het was strategisch gelegen en werd gebruikt om de handel te controleren.

Parijs-Roubaix

De bus draait via een hobbelige stenen weg het dorp binnen. Eigenlijk dekt hobbelig de lading niet. Het logge voertuig wordt bijna net zo uit elkaar getrild als de renners op de kasseistroken van de heroïsche wielerklassieker Parijs-Roubaix. In de verte doemt de Inca-site op. Een grijze massa van stenen, tempels en rots gaapt de natrillende passagiers van de bus stoïcijns aan. Her en der bevinden zich gekleurde stipjes. Schoolklassen, families en groepjes politieagenten zwoegen zich een weg omhoog. De bus slaat linksaf, richting het kleine treinstation van Ollantaytambo.

Inca Rail

Een man in traditionele Peruviaanse kledij speelt panfluit, terwijl enkele toeristen zich tussen de regendruppels doorlaveren op zoek naar een van de rondwandelende verkoopsters. Ze hoeven niet lang te zoeken. “In Machu Picchu betaalt u het dubbele, koop hier uw poncho”, klinkt het in Engels, dat eigenlijk meer op Spaans lijkt. Een man uit Nederland geeft twee soles aan een verkoopster en zoekt snel weer beschutting. 

Inca Rail

Een laag bulderend, maar vertrouwd geluid komt vanuit de verte steeds dichterbij. Een blauw-geel gevaarte mindert vaart en komt met een hoog snerpend geluid tot stilstand. Daar is de trein van Hiram Bingham, vernoemd naar de Amerikaanse ontdekkingsreiziger, in 1911 de herontdekker van het verlaten Machu Picchu.

Belangrijke heren en deftige dames

Binnen ademt de trein nog de sfeer van toen uit. De klassieke houten bagagerekken zijn afgewerkt met gouden relingen, de lampen blinken en de zithoekjes zijn keurig afgewerkt. Met een beetje fantasie zie je belangrijke heren met hoge hoeden en de deftige dames in jurken nog zitten. Dankzij de lunch voelen de passagiers zich ook een beetje zo. De gerechtjes zijn allemaal even chique en de glazen wijn worden nog voordat ze leeg zijn weer bijgevuld.

Oranje vlinders

De reis naar Machu Picchu loopt officieel niet meer door de Heilige Vallei, die stopt in Ollantaytambo. Toch verandert de omgeving amper. De trein tuft twee uur lang langs steile rotswanden, kolkende waterstromen, stralende Inca-terrassen, grazend en stampend vee, vervormde cactussen, verlaten huisjes, wandelende backpackers en in nevelen gehulde bergtoppen. Achter elke bocht schuilt hier een nieuw avontuur. De machinist laat de hoorn flink galmen als hij wandelaars langs de rails ziet sjokken. Safety first. De trein houdt af en toe stand als blijkt dat een wild dier de treinbaan verspert. Voor de oranje vlinders hoeft hij niet te stoppen. Ze fladderen constant met de trein mee alsof ze achter een zingende hoofdpersoon van een Disney-tekenfilm aangaan. Een Inca colaatje mag natuurlijk niet ontbreken hier in het huis van de Inca’s, maar het gele en mierzoete goedje is zeker niet zo lekker op de tong als het uitzicht voor het oog.

Live muziek

Chris Swift en Melissa Meruelo (beiden 27) uit Miami genieten zichtbaar. Ze zitten liefkozend tegen elkaar aan en genieten van het uitzicht. “We hebben niet de tijd om drie à vier dagen de Inca-trail te lopen”, zegt Chris, in het dagelijks leven advocaat. “Bovendien is het comfortabele van deze reis heel fijn. We komen nu ook wat later aan in Machu Picchu, dan is het niet zo druk.Heb je de bar achterin de trein trouwens al gezien? Er is een open wagon met live muziek en je hebt er een prachtig uitzicht. Echt een speciale ervaring”, besluit Chris, terwijl hij zijn arm om zijn Melissa slaat.

Machu Picchu Pueblo

De trein minder vaart. Voorzichtig, maar met een laatste flinke uithaal van de hoorn tsjoekt hij het kleine stationnetje binnen. We zijn in Machu Picchu Pueblo, ook wel Aguas Calientes genoemd, een laaggelegen voorstad van het oude Machu Picchu. Alleen een busreis over u-bochten scheidt ons nog van de mysterieuze Inca-stad in de bergen. Men zegt soms dat het in het leven niet gaat om de bestemming, maar om de reis. In dit geval bijna helemaal waar, want boven op de berg wacht ons de kers op de taart, Machu Picchu, een heus wereldwonder.

Praktische informatie over Peru

Meridian Travel sliep in de Heilige Vallei van de Inca’s in de volgende hotels:

Belmond Palacio Nazarenas Hotel

Een oud achttiende eeuws klooster in het hartje van Cusco. Zeer luxe kamers, een haast koninklijke badkamer en een perfecte service.

Libertador Tambo del Inka Hotel

Een groot hotel, gelegen aan de Urubamba-rivier. De lobby is net zo gezellig als de kamers. De hoge plafonds en de houten aankleding geven de gast het gevoel in een oase te verblijven.

Inkaterra Machu Picchu Pueblo Hotel

Een soort dorp in de jungle. De stenen paden tussen de witte huisjes worden overwoekerd door inheemse planten. De kamers zijn precies zoals het hoort in de jungle. De slaapkamers beschikken allemaal over een eigen open haard die het personeel op verzoek komt aansteken.

Treinreis

Meridian Travel reist met de Hiram Bingham-trein (eerste klas) van Ollantaytambo naar Machu Picchu Pueblo. Het is de meest luxe mogelijkheid. Peru-rail beschikt echter ook nog over de Vistadome (tweede klas, met glazen dak) en de Expedition, een goedkope variant voor backpackers (derde klas). Ook Inca Rail berijdt het traject. Zij hebben een zelfde soort treinverdeling. Belangrijk: van tevoren reserveren! Kijk voor meer informatie op www.perurail.com en www.incarail.com.

Geld

De Peruvianen betalen hun inkopen met de Peruaanse Nuevo Sol (PEN). Eén euro is ongeveer 3,7 Soles en één Sol is iets minder dan dertig eurocent. Amerikaanse dollars worden op veel toeristische plekken ook geaccepteerd.

Klimaat

De Heilige Vallei van de Inca’s begint officieel in Pisac en volgt de rivier Urubamba tot en met Ollantaytambo. Het klimaat is normaliter zacht. De temperatuur is het hele jaar door om en nabij de twintig graden. ’s Nachts kan het echter flink afkoelen. Zeker in de hooggelegen gebieden. Het regenseizoen loopt van december tot en met april. De natuur is dan prachtig groen, maar transport kan soms moeilijk zijn. De vallei ligt hoog boven zeeniveau (minstens 2500 meter). Pas dus op met de zon. Smeer je goed in en neem altijd een zonnebril mee. In Machu Picchu kan het weer snel omslaan. Zorg voor goede schoenen en waterbestendige kleding.